Patellaluxatie bij honden: losse knieschijf, oorzaak en behandeling
In het kort: Patellaluxatie is een losse knieschijf die uit positie glipt; vooral kleine hondenrassen zijn hiervoor gevoelig.
Wat is patellaluxatie bij honden?
Patellaluxatie is een aandoening waarbij de knieschijf (patella) niet op haar vaste plek in een groefje van het dijbeen blijft liggen, maar naar binnen of naar buiten uit die groef glipt, meestal zichtbaar als het af en toe intrekken van een achterpoot tijdens het lopen. De aandoening is meestal aangeboren of erfelijk en komt veel vaker voor bij kleine en middelgrote hondenrassen, zoals chihuahua's, yorkshireterriërs, pomeranians en franse bulldogs.
Wat veroorzaakt patellaluxatie?
Patellaluxatie is meestal een aangeboren of erfelijke aandoening, al kan ze in zeldzamere gevallen ook ontstaan door een trauma zoals een val of botsing. De aandoening komt veel vaker voor bij kleine en middelgrote hondenrassen, al kunnen ook grotere rassen last hebben van met name de naar buiten luxerende variant. Vaak is al op jonge leeftijd, soms al als puppy, te zien dat er iets niet helemaal in orde is met de beweging van een achterpoot.
Welke gradaties van patellaluxatie zijn er?
Dierenartsen verdelen patellaluxatie meestal in vier graden, van licht naar ernstig:
- Graad 1: de knieschijf kan met de hand uit positie worden geduwd, maar schiet daarna vanzelf weer terug; de hond heeft in het dagelijks leven zelden klachten
- Graad 2: de knieschijf schiet af en toe spontaan uit positie, bijvoorbeeld bij bepaalde bewegingen, en gaat soms vanzelf weer terug
- Graad 3: de knieschijf staat meestal buiten positie, maar kan met de hand terug op zijn plek worden gezet
- Graad 4: de knieschijf staat permanent uit positie en kan niet meer teruggezet worden
Hoe hoger de graad, hoe groter de kans op blijvende kreupelheid en op slijtage van het kniegewricht op de lange termijn.
Wat zijn de symptomen van patellaluxatie?
De meest kenmerkende verschijnselen zijn:
- Af en toe plotseling 'overslaan' of huppelen op drie poten, waarbij de aangedane achterpoot even wordt opgetrokken
- Na een paar passen weer normaal lopen, alsof er niets gebeurd is (typisch bij lichtere gradaties)
- Stijfheid na rust, vooral bij oudere honden met al wat gewrichtsslijtage
- Bij ernstigere gradaties: een duidelijk afwijkende, wat 'knikkende' manier van lopen of structureel minder steunen op de aangedane poot
Wanneer is patellaluxatie een spoedgeval?
Patellaluxatie op zichzelf is meestal geen acuut spoedgeval, omdat het vaak een sluipend en chronisch verlopend probleem is. Toch zijn er situaties waarin je wel snel een dierenarts moet raadplegen:
- De hond kan plotseling helemaal niet meer steunen op de poot
- Er is duidelijke pijn, zwelling of warmte rond de knie, wat kan wijzen op een bijkomend letsel zoals een gescheurde kruisband
- De klachten verergeren snel in korte tijd
In die gevallen is nader onderzoek nodig om andere of bijkomende problemen aan het kniegewricht uit te sluiten.
Hoe wordt patellaluxatie behandeld?
De dierenarts stelt de diagnose meestal door de knie te onderzoeken en te voelen of, en hoe makkelijk, de knieschijf uit positie te bewegen is, aangevuld met röntgenonderzoek om de gradatie en de stand van het gewricht goed te beoordelen. De behandeling hangt sterk af van de ernst:
- Bij lichte gradaties (1 en soms 2) met weinig klachten kan afwachtend beleid, gewichtscontrole en opbouw van spiermassa rond de knie vaak voldoende zijn
- Bij matige tot ernstige gradaties (2 tot 4), of wanneer de hond merkbaar hinder ondervindt, wordt meestal een operatie aangeraden om de knieschijf weer op zijn plek te krijgen en te houden, bijvoorbeeld door het groefje te verdiepen of de aanhechting van een pees te verplaatsen
- Na een operatie is een periode van rust en gecontroleerde revalidatie nodig om het gewricht goed te laten herstellen
Zonder behandeling kan een ernstige, langdurige patellaluxatie leiden tot chronische pijn en versnelde slijtage (artrose) van het kniegewricht.
Is patellaluxatie te voorkomen?
Omdat patellaluxatie vaak erfelijk is, is verantwoord fokbeleid de belangrijkste manier om de aandoening in bepaalde rassen te verminderen. Als eigenaar kun je zelf bijdragen door je hond op een gezond gewicht te houden, omdat overgewicht extra druk op de knieën legt, en door overbelasting op jonge leeftijd (zoals te intensief springen bij puppy's) te vermijden. Bij rassen die gevoelig zijn voor de aandoening is het verstandig om de knieën al vroeg door de dierenarts te laten controleren.
Twijfel? Neem contact op
Zie je dat je hond regelmatig een achterpoot optrekt tijdens het lopen of springen, laat dit dan beoordelen door de dierenarts om de gradatie vast te stellen en samen te bepalen welke aanpak het beste past.
Is dit uw vakgebied?
Dit artikel is geschreven op basis van algemene diergeneeskundige kennis. Bent u dierenarts of specialist op dit gebied? Claim dit artikel om uw naam, praktijk en contactgegevens eraan te koppelen als vakinhoudelijk aanspreekpunt voor lezers — en lever desgewenst uw eigen tekst en foto's aan.
Geclaimd door: — (nog niet geclaimd)
Mist u een onderwerp?
Staat een vraag, ziektebeeld of onderwerp hier nog niet behandeld? Draag zelf een artikel of onderwerp aan — als dierenarts, specialist of gewoon als huisdiereigenaar met een goede suggestie. Vakinhoudelijke bijdragen van dierenartsen worden bij plaatsing voorzien van naam en praktijkvermelding.